zondag 29 mei 2011

Kampioenen

Hannah nodigde me uit voor de laatste competitiedag. Ze tennist. Haar team speelde zaterdag de laatste wedstrijden en ze overtuigde me ervan, na weken zeuren, dat ik echt een keer mee moest komen. Ze beloofde me hoogwaardig entertainment. Bovendien moest vriendlief Koen het weekend werken en kon ze niet zonder morele support. Emotionele chantage uiteraard, maar vooruit. Ik vertrouwde het maar half en ging uiteindelijk vooral mee om haar een plezier te doen. Prima besluit, zo bleek al snel.

Het tennis was verrassend spannend. Dat kan goed zijn geweest omdat ik de regels niet altijd kon volgen, laat staan de telling: 15 nul, 30 nul, 40 nul, game?? Maar ondertussen zat ik vanaf drie uur gezellig met een roseetje naast de baan mét vier teamgenoten aan mijn zijde: die waren al klaar. En ik maar denken dat Hannah fanatiek sport op zaterdag!

Het echte spektakel startte vervolgens die avond met de huldiging van de kampioenen. Daar hoorde het team van Hannah niet bij, maar kampioen juichen waren ze onomstotelijk. Ik begreep al snel waarom. Eerst kwamen er pittige damesteams het podium op, in de meest fantastische outfits, daarna vrolijke mixteams en tenslotte heerlijke, maar dan ook echt HEERLIJKE, herenteams. Wie zegt dat mannen elkaar niet knuffelen, heeft ze nog nooit gezamenlijk een prijs zien pakken. Bezwete lijven, natte haren, broederlijke omhelzingen en zelfs een uitgelaten zoen hier en daar. Alsof ze op een catwalk liepen wees Hannah me trefzeker op de appetijtelijke exemplaren: Jeroen uit Heren3, Max van Heren10, Ruben uit Heren1. “Vergeet Ronny uit Gemengd2 niet”, zei ze, maar ik luisterde al niet meer. Een paar uur later hingen al die fijne mannen aan de bar en nog een uur later stonden ze erop. Met mij ernaast natuurlijk, totdat de ook al zo prettige barman ons eraf haalde en het licht uit deed. Waarop de zon al aan bleek en de fijne mannen, allemaal bezet natuurlijk, braaf huiswaarts gingen.

Ik overwoog nagenietend in bed om lid te worden, maar inmiddels weet ik wel beter. Veel te vermoeiend, dat tennissen. Ik heb de hele zondag moeten bijkomen.

woensdag 25 mei 2011

Ongrappig

Vrouwen hebben geen gevoel voor humor. Volgens mannen. Dat is een klein beetje waar. Ons gevoel voor humor is passiever; we kunnen een goede grap zeer waarderen en bouwen er graag op door. Maar uit het niets een grap maken; dat kun je meestal beter aan de mannen overlaten. Ik zeker. Ik stel me tegenwoordig bijzonder ongrappig op. Wel zo veilig als je mij bent.

Afgelopen zaterdag leerde ik Alex kennen in de kroeg. Type slick, maar eerlijk. Type ‘ik ben fout, maar dat zie je aan me, dus zeg het maar’. Type onweerstaanbaar dus.

“Dag schoonheid,” opende hij.
Ik was in een goeie bui, dus ik keek hem recht aan en draaide me toen om, zoekend naar degene voor wie zijn opmerking bedoeld zou moeten zijn. Goeie grap, vond ik.
“Ja, jij, jongedame,” lachte hij. Hij vond het ook een goeie grap. En hij kuste me.

Ik nam hem mee naar huis. Dat krijg je met die types onweerstaanbaar. Ik voelde me nog steeds vrolijk en luchtig. Ok, hij had gezegd dat hij een beetje aan het vrijbuiten was, maar hoe fout kon hij zijn? Het was tijd voor nog zo’n uitstekende grap, voor een mooie overdrijving. Ik zou hem aan het lachen maken en dan wie weet….

“En, met wie ga je morgen daten?” vroeg ik met een flinke dosis twinkelingen in mijn ogen. Ik complimenteerde mezelf: wat een fijnzinnige humor, wat een subtiele comedienne! Ik wachtte geduldig op zijn schaterlach, maar die bleef uit. Ik keek naast me en trof een nadenkende blik...
“Met Daniëlle, geloof ik. En maandag met Bianca. Hoezo?”

Exit Alex. En exit mijn carrière als cabaretiere. Gelukkig kan Carien er die middag wél hartelijk om lachen, om het verhaal Alex en mijn beteuterde blik erbij. Toch staat mijn besluit vast: voorlopig ga ik lekker ongrappig door het leven.

maandag 16 mei 2011

Elk voordeel....

Op Koninginnedag was het weer zo ver: ik had weer last van serieuze penisnijd. Voor het openbaar damestoilet stond een rij waar de Efteling op zomerzaterdagen nog niet aan kan tippen, terwijl de heren terecht konden bij de urinoirs. Soms moest er eentje een minuut wachten en hield hij kameraadschappelijk het biertje van de plasser voor hem vast. Bij het damestoilet was er gekat en ellebogenwerk. Vandaar de penisnijd. Ik wil ook een keer staand met mijn gulp halfopen! En het liefst op een festival, in een hangtoilet in Frankrijk of in een ranzige kroeg. Zodat je niet krampachtig boven de bril hoeft te hangen, maar gewoon je eigen lieve warme penisje vast mag houden.

Maar daar moet je man voor zijn en dat zou ik dan weer heel vervelend vinden. Non-stop aan seks moeten denken, het onvermogen om te multitasken en de onvermijdelijke voetbalverslaving zijn nog tot daar aan toe. Maar je zult maar een mannelijk ego hebben... Zo’n kolossale onderbewuste mammoet, die het elk moment van je over kan nemen om je kwetsbaar, arrogant en vooral verschrikkelijk manipuleerbaar te maken.

Volgens Carien werkt het altijd om ’s mans ego aan te spreken. Hoe schaamteloos ze ook te werk gaat, hoe dik ze het er ook op legt, zodra het ego aangeroepen wordt, gaat alle argwaan overboord. Ik durf het niet altijd, vind mezelf ongeloofwaardig in de kwijlstand, maar gisteren kon ik het niet laten. 

“Wat voor werk doe jij eigenlijk, Rolf?”
“Ik werk als teamleider bij een detacheringsorganisatie in Amersfoort, wij richten ons met name op de medische sector.”
“Oh ja, joh? Jemig! Nou, dat bewonder ik dus enorm, hè? Mensen die verantwoordelijkheid durven nemen en anderen aansturen! Sjongejonge, dat lijkt me echt pittig. En dan ook nog in de medische hoek, poeh, zeg, is dat niet heeeel moeilijk??” 

Ik hield mijn adem in en verwachtte een lachsalvo van Rolf, waarop ik zou concluderen dat ik het deze keer echt overdreven had. Maar nee, hoor. Een zelfvoldane glimlach verscheen op zijn gezicht en volautomatisch rechtte zijn rug zich; willoos slachtoffer van zijn ego. Ik had bijna medelijden. Maar toen was de penisnijd terug. Penis en ego gaan blijkbaar samen. Toch fijn af en toe, gerechtigheid.

maandag 9 mei 2011

Verboden terrein

Collega Leo is leuk, heel leuk. Collega Leo is ook getrouwd, heel getrouwd. Met een bloedmooie hyperintelligente vrouw en drie ultraschattige kindjes. Helaas maakt dat Leo niet minder leuk. Wel off-limits. En ook, niet onbelangrijk: het maakt hem een zinloos project.

“Van alle mannen in een langdurige relatie met een affaire daarnaast…”, leest Carien voor, dat laatste nadrukkelijk herhalend,
“hoor je, dus ze hébben al een affaire naast hun relatie, van deze mannen gaat slechts 1,5% weg uit die langdurige relatie!”
Ze kan er niet over uit: “Eén komma vijf procent maar! Achtennegentig procent blijft dus. Sorry, achtennegentig én half procent zelfs. Ondanks die affaire.”

Het onderzoek dat Carien hardop voorleest, wijst ook uit dat dit percentage onder vrouwen veel hoger ligt. Dat verbaast ons niets. Het zijn immers wezenlijk verschillende soorten, mannen en vrouwen. Hoe terecht zou het zijn om je als bioloog af te vragen of kruisbestuiving überhaupt mogelijk is. Het is dat je het voortdurend om je heen bewezen ziet. (Wat mij betreft zijn er overigens genoeg momenten waarop je merkt dat het de soort niet altijd ten goede komt, dat voortplanten, maar dat is een heel andere kwestie.)

De kinderen van Leo en zijn echtgenote zijn bijzonder goed gelukt en al met al is deze collega dus moreel en rationeel verboden terrein. Hij is het derde biertje als je moet rijden. Hij is dat spectaculaire glittertopje van de nieuwe collectie als je rood staat. Hij is de Magnum in je eerste week van je Sonja Bakker dieet. Misschien niet de allerlekkerste snack denkbaar, maar wel de foutste en dus de meest aantrekkelijke hunkering. Mischien moet ik binnenkort eens een SAS dagje inlassen?

zondag 1 mei 2011

KoninginneNachtTradities

Wij hebben op ons kantoor een reeks aan tradities. Een brave traditie met verjaardagen, een mooie op onze oprichtingsdatum en een heerlijk foute met Koninginnenacht. Elk jaar moeten een paar nieuwe collega’s wennen aan de oh zo keurige juristen, receptionistes en secretaressen die, bizar uitgedost en straalbezopen, Hollandse hits meeblèren. In mijn hoofd hoor ik de stem van Paul Jambers: “overdag is zij een gerespecteerde advocate, maar ‘s nachts geeft zij zich over aan leeuwenpruiken en oranjebitter”.

Elk jaar verbreken we de belofte dat we nu écht van tevoren gaan eten. En elk jaar gaan collega’s Arjan en Rick voor me op zoek naar leuke mannen. Met een aantal jaren ervaring op zak heb ik uitgedokterd waarop ze selecteren: lengte. Niet onverstandig als je jezelf geconfronteerd ziet met een veelkoppig vreemdelingenlegioen in oranje uniform. Helaas vinden ze naarmate de avond vordert zelfs 1 meter 70 lang genoeg; “op die 12 centimeter verschil moet je geen slakken leggen, hoor, Freek.” Ze leggen ongevraagd het eerste contact, waardoor ik elk kwartier een handtastelijke glijer moet ontwijken. Ik ben er inmiddels vrij handig in geworden en heb ontdekt dat de aanval de beste verdediging is: ik maak lieftallig kennis, glimlach, doe drie flirterige danspasjes en val dan homocollega Hans om de hals. Van Carien geleerd.

Dit jaar heeft de frustratie van koppelaars Arjan en Rick een nieuw hoogtepunt bereikt. Dit jaar regelden ze namelijk rond middernacht een 1 meter 98 voor me. Goeie kop, fijn lijf, perfecte jeans, mooie lach en goddelijk frans accent. Expat. Zijn laatste week in Nederland. Bingo. Dachten zij. Ik deed mijn ding, maakte lieftallig kennis, glimlachte en deed flirterige danspasjes. Hans stond al klaar, maar de Fransman boog zich naar me toe en fluisterde in mijn oor “Diet zijn uw collega’s, non? Als de musique ‘ier stopt, over een uur, ben iek daar. Si vous voulez.” Hij wees naar de taxistandplaats verderop. Zijn alle Fransen nog zo smooth als ze gedronken hebben? Ik stortte me in elk geval vertrouwd in de armen van Hans, zodat Arjan en Rick ten einde raad hun schouders ophaalden. Misschien hebben zij hun traditie eindelijk afgeleerd. En heb ik er eentje bij. Croissants op Koninginnedag, niet verkeerd.