maandag 8 augustus 2011

Gay pride


Carien heeft roze pruiken, roze beenwarmers, roze oorbellen en roze zonnebrillen aangeschaft. Haar stad staat op zijn kop en ik zal het weten. Zij gaat al jaren en volgens haar hangt er altijd een sfeertje in de stad alsof het drinkwater ecstasy bevat: iedereen vindt elkaar mooi en lief en sexy. De dress code is roze en wit, de mood code open minded.  Het is mijn eerste gay pride en Carien is vastbesloten mij zo snel mogelijk aan alle codes te laten voldoen. Zodra ze ons in roze outfit heeft gehesen, stappen we in een geleend bootje en varen op de parade af. Ergens tegen het eind van de route knoopt Carien ons bootje aan een sloep waarop een blonde schipper nuchter blijft temidden van zijn gasten, een vrijgezellenfeest met achttien fijne heren van onder de dertig. Eenmaal vastgebonden haalt Carien haar troefkaart tevoorschijn. Ze heeft roze dropveters gekocht van bijna een meter lang. Het ene uiteinde stopt ze in haar mond en het andere geeft ze met een knipoog aan de blonde schipper. Hij begrijpt het onmiddellijk. Allebei zuigen ze langzaam hun eindje naar binnen, totdat hun lippen elkaar raken. Dan kussen ze en zie ik ook hun tongen elkaar vinden. Carien vlijt haar lichaam tegen hem aan, omhelst hem innig en maakt zich dan weer los. De blonde krullenbol kauwt zijn laatste restje dropveter op en kijkt dan weer vrolijk naar de botenparade. Carien duwt mij een dropveter in mijn handen. De vrijgezellenboot juicht en hun schipper stapt opzij om ruimte te maken. Ik begin me te realiseren dat Carien gelijk heeft: er zit iets vrolijk-luchtigs in het drinkwater vandaag. Mijn dropveter belandt bij een aardige Brit die zijn tong gelukkig keurig binnen boord houdt. Inmiddels is Carien aan het uitdelen. Drie boten verder staat een enorme getatoeĆ«erde vent met een tengere dame te dropzoenen temidden van klappende vrienden. En op de wal probeert een man tevergeefs drie dames naar zijn dropveter te lokken totdat er een prachtige roodharige vrouw op hem afstapt en hem vurig dropzoent. Het lijkt wel of de drie afwijzende dames spijt krijgen, maar spijt bestaat niet vandaag. Dus gooit Carien alledrie een eigen dropveter toe. Een van hen klimt over de boten totdat ze over de railing van onze buurvrijgezellen hangt om mij haar dropveter aan te bieden. Ik ben even verbouwereerd. Ze is goddelijk. Lange donkere krullen, wulpse lippen en de vrolijkste pretogen die ik ken. “Ik ben jouw gay prize, lieverd” zegt ze lachend en ik denk voor het eerst in lange tijd weer eens ‘waarom niet’?