maandag 21 november 2011

Wippen

“Ga nou naar hem toe, muts,” zegt Carien. 

We staan een biertje te drinken in de Heineken Music Hall. Straks gaat Milow beginnen en Carien en ik neuriën al de hele middag het karakteristieke begin van zijn laatste hit. Mmmm, mmmm. Mmmm, mmmm.

Al sinds aankomst valt ons de goddelijke man op die de boel lijkt te coördineren. Goeie kop, hagelwit gebit, lang en mooi gebouwd. Zijn pak zit als gegoten, zijn overhemd laat een glimp van zijn fijne borstkas vrij. Om zijn pols draagt hij een bewerkte leren band. Hij heeft een oortje in en loopt energiek rond tussen de binnenstromende mensen. Hij schakelt snel met bewakers, kaartcontroleurs en licht- en geluidcrew. Hij maakt een efficiënte en ontspannen indruk; we zien hem veel lachen.

“Wat let je?” vraagt Carien.
“Hij is druk,” zeg ik.
“Dan vraag je toch of hij na afloop een drankje wil drinken?”
“Dan is hij vast ook druk.”
“Dus je durft niet,” daagt Carien me uit.
Ik denk even na. Ik durf inderdaad niet.
“Weet je wat het is,” zeg ik hardop peinzend, “deze man is out-of-my-league.”
“Pardon?” zegt Carien.
“Nou, buiten m...” wil ik uitleggen.
“Ja, ik hoor je wel, maar ik snap je niet.”
“Negens bij negens, zesjes bij zesjes. Er zijn leagues. Het is net als een wip: er moet een beetje balans zijn, anders komt het niet van de grond. En hij zit minstens één league te hoog.”

Ze kijkt me wezenloos aan.

“Jij weet dat niet, Carien, want a. jij zit in de hoogste league en b. je bent soms net een vent. Kerels zien geen leagues. Dat blijkt uit onderzoek. Ze willen altijd het mooiste meisje uit de reeks. Ook de wanstaltigste exemplaren willen haar. Vrouwen zijn veel realistischer. Die begeren op hun eigen niveau.”
“Freek, je bent gek.”
“Nee, hoor, ik vermijd alleen een mission impossible.”
“Wie is wel jouw league dan?”
“Nou, hij bijvoorbeeld,” zeg ik en wijs op een collega van de coördinatie-halfgod, waar hij nu mee staat te praten.
“Die met dat leren jack?” vraagt Carien.
“Ja, die, ja,” zeg ik.
“Met die leuke gympen?”
“Precies,” zeg ik.
“Die nu met jouw out-of-my-league-man aan het zoenen is, bedoel je?” vraagt ze dan.
Ik kijk ongelovig op. Verdraaid. Het is echt zo.
“Lijkt erop dat ze toch echt in dezelfde league zitten, Freek,” lacht ze me heel hard uit, “maar inderdaad niet snel in de jouwe wippen.”