maandag 23 januari 2012

Oude lul

Ik zit bij de Coffee Company aan de Oudegracht. Aan de lange leestafel zitten naast en tegenover mij mensen achter een laptop. Te werken. Aan scripties en spreekbeurten, als ik hun leeftijd een beetje goed inschat. Links van mij zit een jongen met een hippe geruite pet en een dikke sjaal. Hij heeft een felgele koptelefoon op en tikt een deuntje met zijn vingers op de rand van zijn toetsenbord. Zijn portemonnee ligt open naast zijn laptop, ik zie een rijbewijs en ik denk: “Ben jij oud genoeg om auto te rijden???”

Tegenover me gaat een man zitten met een grote koffie met schuim. Hij zet zijn muts af en legt zijn handschoenen naast zich neer. In zijn handen wrijvend kijkt hij naar de stapel kranten en vist er vervolgens een NRC Next uit. Het lukt me niet om oogcontact te krijgen met deze fijne man met drie-dagen-baardje, kleine lachrimpels en een paar zilvergrijze haren bij zijn slapen. Waarschijnlijk de enige hier, die me begrijpt als ik begin over cassettebandjes, de Rubikskubus en Knight Rider.

Dan ploffen naast ons twee opgetogen vriendinnen neer. Het meisje naast de sexy overbuurman heeft haar handen voor haar mond en slaakt kleine gilletjes. Het meisje naast mij glundert en wipt op haar stoel. Eindelijk kijkt mijn leuke overbuurman me aan, vragend. Ik haal vrolijk glimlachend mijn schouders op en hoor dan mijn buurmeisje zeggen: “Gek, hè, dat ik al zeven weken ben en niks doorhad!” Ik had ze als begin twintigers ingeschat, dus ik kijk verbaasd opzij. Ze lijken me nog steeds begin twintig. Toen ik zestien was leek drieëntwintig me een hele mooie leeftijd om een kind te krijgen. Nu lijkt het me meer de leeftijd om een solozeiltocht om de wereld te maken. Ik kijk naar de leukerd tegenover mij, die lachend “ik word oud” kreunt. Ik wijs op de jongen met de felgele koptelefoon: “hij heeft een rijbewijs.” De leukerd kijkt gechoqueerd naar rechts en herhaalt “ik word echt oud.” Ik sta op het punt hem uit te nodigen dat met mij te doen als ik zijn trouwring zie. Jammer, ik durf te wedden dat deze man nog heel wat jaartjes medicijnloos mee zou kunnen. Als hij zijn jas aantrekt, lach ik nog even naar hem. Waarop hij vriendelijk “dag mevrouw” zegt. Lul. Oude gerimpelde grijze lul.