dinsdag 8 mei 2012

Onoverkomelijke verschillen

Ik waad door het verfrissende stroompje dat mijn witgouden strand in tweeën deelt. Ik heb net mijn zijdezachte wiegende hangmat verlaten, omdat een prachtige vlinder op mijn teen landde en mijn aandacht vestigde op de felblauwe papagaai die verderop in de boom zit. Met een luchtige pareo om ga ik de vogel van dichtbij bekijken. Hij is niet bang, ik mag hem zelfs aaien. Dan hoor ik een indringend geluid dat me verwart. Ik ben toch op een onbewoond eiland? De papagaai kijkt me aan en zegt “goeiemorgen schoonheid, ben je wakker?”

Ik kreun en doe één oog open. Op het kussen naast mij ligt een bijzonder uitgeslapen hoofd.
“Het is half zeven,” beantwoordt het hoofd mijn onuitgesproken vraag.
Ik kreun nog een keer en doe mijn oog weer dicht.
“Was je aan het dromen?” vraagt het hoofd opgewekt.
“Nee, ik was op een goddelijk eiland en kreeg ineens een nachtmerrie dat iemand me om half zeven wakker maakte,” denk ik bij mezelf. Maar dat is een hoop tekst voor midden in de nacht.
“Hmmm,” mompel ik en trek mijn beide ogen open. Naast mij ligt Marijn.

De dingen die ik van Marijn weet, zijn op één hand te tellen:
·   Hij heeft, net als ik, Koninginnenacht gevierd op het Wed in Utrecht;
·   Hij heeft een telefoon en daar staat mijn nummer in;
·   Hij was gisteren beschikbaar toen ik dringend aandacht nodig had;
·   En tot slot, wat gisteravond de doorslag gaf voor zijn ticket naar mijn slaapkamer: hij moet vandaag werken.
·    Wat ik van Marijn begin te vermoeden, is dat hij een ochtendmens is.

“Zal ik een sinaasappeltje persen?” vraagt hij.
“Ik heb geen sinaasappels,” zeg ik.
“Zal ik dan even je koe melken?” vraagt hij.
“Ben jij altijd zo vroeg actief en grappig?” zucht ik.
“Ik moet werken, weet je nog?”
“Oh ja, helemaal vergeten” lieg ik, “nou dan moet je maar snel gaan.”
“Ik heb nog een half uur, hoor,” zegt hij en ik denk koortsachtig na over een oprotpremie.
“Ik heb een heerlijke douche, ga je gang,” zeg ik nogal hulpeloos.
“Als ik niet beter wist, Frederique,” tikt Marijn lief op mijn wang, “zou ik denken dat je me weg wilt hebben.”

Een half uur later is de verschikkelijke ochtendman vertrokken, zijn eigen tijdzone in. Hoe lang zou het duren voordat hij ontdekt dat er geen Frederique meer in zijn telefoon staat?