woensdag 27 maart 2013

De voors en tegens van een singlereis

Ik ben al twee dagen hier en ik vraag me nog steeds bij vlagen af of ik er nu goed aan heb gedaan. Carien zou ook mee, maar die is door een schemawijziging afgehaakt. Er zijn wel tachtig andere singles mee. De zon schijnt en er ligt een enorm pak poedersneeuw. Het hotel is fantastisch en in Cariens plaats is nu iemand van de reservelijst meegegaan die al drie interessante mannen heeft gespot. Wat ik knap vind, want zo’n skihelm staat echt niemand. Toch zit ik opgewekt aan het ontbijt. Ze hebben heerlijke yoghurt en er staat vandaag een mooie blauwe afdaling op het programma.

Een uur later stap ik in de skilift met Roef naast me, een vriendelijke accountmanager uit Eindhoven. Aan de andere kant van Roef zit Irene.
“Wat een lekker weertje”, zeg ik tegen niemand in het bijzonder.
Roef knikt en wijst op een terras onder de lift: “daar moeten we vanmiddag heen, zie ik al”.
Ik wil mijn mond open doen om dat te bevestigen, maar Irene is me voor: “wat een goed idee, Roef, jij hebt echt een neus voor de goeie spots”. Ze geeft hem een por in zijn zij. Roef lacht.

“Wat doe jij eigenlijk voor werk, Frederique?” vraagt Roef terwijl hij zijn zonnebril recht zet.
“Ze is advocaat”, zegt Irene, “net als mijn zus”.
Roef kijkt me vragend aan. Ik knik verbaasd.
“Wij zijn heel close”, zegt Irene.
“Frederique en jij?” vraagt Roef.
“Mijn zus en ik”, corrigeert ze.
“Leuk”, zegt Roel, “en wat een interessant vak, de advocatuur, waar zit je kantoor, Frederique?”
“In Utrecht”, zegt Irene voordat ik kan reageren, “daar heb ik zelf ook gewerkt, echt een leuke plek”.