woensdag 20 november 2013

Italiaanse verrassing

We zitten bij een wijnbar en een man met een korte sloof raadt een Siciliaanse grillo chardonnay aan: mooi, krachtig en toch soepel.
"Dat klinkt als een lekkere vent in plaats van een wijn", zegt Carien lachend.
"Er komt veel goeds uit Sicilië," lacht de man met sloof terug, "en dan heb ik het niet alleen over de wijn." Carien en ik kijken nog eens naar de man. Hij heeft donker haar en bruine ogen, maar hij ziet er niet echt Italiaans uit. Bovendien is Sicilië een berucht maffia-eiland, en deze man met sloof lijkt juist heel aardig en hoffelijk.
"Heb jij iets met Sicilië?", vraagt Carien.
"Ik kom er vandaan", zegt hij.
"Je spreekt goed Nederlands", zeg ik.
"Mijn moeder is Nederlands en we zijn hier op mijn veertiende komen wonen."
"Met je vader?"
"Met mijn zusje. We zijn verhuisd toen mijn vader overleed, maar dat is inmiddels lang geleden. Ik ga jullie wijntjes halen."
"Oh mijn god," fluistert Carien terwijl de Siciliaan wegloopt, "zijn vader was vast zo'n maffiabaas, die vermoord is door een rivaliserende familie. Moet je je zijn moeder voorstellen; een gewoon Nederlands meisje wordt op vakantie verliefd en heeft geen idee waar ze aan begint tot ze uiteindelijk met twee kinderen van het eiland moet vluchten."
"Jezus, Carien, je lijkt het wel spannend te vinden", zeg ik.
"Dat is het toch ook? Een maffiazoon kom je niet elke dag tegen. Zeker niet eentje die het romantische bloed van zijn moeder door zijn aderen heeft stromen."
"Je kijkt teveel naar Penoza", zucht ik.
"Ja, goeie serie, hè?"
"Maar wel fictie, maffia-liefje."
"Des te interessanter dat we hier het echte werk hebben rondlopen."
"In de bediening?", vraag ik lachend.
"Whatever", zegt Carien en zet een brede glimlach op voor de Siciliaan die weer aan komt lopen met twee glazen.